Trots op Nederland

26 september 2016

Trots op Nederland

We hebben veel om trots op te zijn, zei onze Koning.

De trots in de troonrede leek echter vooral te gaan over de economische vooruitgang.

Op het gebied van waarden en normen, van onze rechtstaat en onze vrij- en gelijkheden houdt de regering vooral een verdedigend verhaal en was de trots ver te zoeken. De rechtstaat en de waarden staan onder druk en moeten verdedigd worden, tegen bedreigingen en terroristen.

Dat is natuurlijk waar, maar misschien moeten we ons niet alleen verdedigen. Want waarom zijn we niet ook gewoon trots op onze rechtstaat en onze vrijheid?

De term ‘trots’ heeft politiek gezien een problematische lading gekregen. Trots zijn op je cultuur en belangrijke verworvenheden is de laatste tijd vooral gebruikt om te zeggen wie we niet zijn en wat we niet willen, wat we afkeuren en waar we tegen zijn. Trots op Nederland betekende vooral geen invloeden van buiten. Misschien was een dergelijk geluid nodig. Maar op dit moment moeten we de volgende stap zetten. Het is tijd om trots op verworvenheden weer te claimen en de term weer te gebruiken waar hij voor bedoeld is: niet als verzet tegen wat we niet willen, maar expliciete uitnodiging aan iedereen om mee te doen in wat we wel willen.

Op een aantal principes en idealen kunnen we namelijk trots zijn. Principes en idealen die menselijke waardigheid bevorderen. Wij zijn trots op onszelf en elkaar als we een open en pluriforme samenleving in stand houden, die mensen serieus neemt, gelijk behandelt, gelijke kansen geeft, waarin we voor elkaar zorgen en elkaar (zelf)respect gunnen. Een dergelijke samenleving moet verdedigd worden, en dat doen humanisten door muren af te breken. Een gevoel van trots wil je delen met anderen, omdat het verwijst naar praktijken en idealen die voor iedereen beter zijn. We zijn trots op de vrijheid om een religie aan te hangen en trots op het feit dat iedereen ook afvallig mag zijn. Trots op ons recht op zelfbeschikking en trots op onze zorg voor elkaar.

Levensbeschouwelijke vrijheid, gelijkwaardigheid tussen man en vrouw, gelijke kansen op een goede opleiding,  seksuele diversiteit, een vrije en open pers, een gezamenlijk gefinancierde objectieve rechtsstaat, gezamenlijk gefinancierd onderwijs en wetenschap, goede zorg, aandacht voor iedereen die in moeilijkheden belandt. Deze verworvenheden zien we terug in onze samenleving. Het zijn verworvenheden die niemand toebehoren, die niemand kan claimen. Maar ze zijn wel kwetsbaar en moeten beschermd worden. Het zal er de komende decennia op aan komen hoe wij deze verworvenheden beschermen door ze uit te dragen en te verspreiden. Met iedereen. En met trots.

Christa Compas

Directeur humanistisch verbond