Van Praagprijs 2007: Johan Simons


In een bijna volle zaal in het Muziekgebouw aan het IJ in Amsterdam werd op zondag 20 mei 2007 de dr. J.P. van Praag-prijs overhandigd aan toneelmaker Johan Simons. Paul Schnabel, voorzitter van de jury, omschrijft Simons als een toneelmaker die ‘getuigenis aflegt van zijn bewogenheid met wat er tussen mensen en in de samenleving gebeurt’.

De jury bewondert de manier waarop Johan Simons' werk klassieke tragedies toegankelijk maakt voor een hedendaags publiek, zonder concessies te doen aan de kwaliteit. Simons toont aan de hand van klassieke tragedies maar ook van moderne romans, de zoektocht en plaatsbepaling van de autonoom geworden mens, diens mogelijkheden en diens tekortkomingen. Hiermee sluit het werk van Simons perfect aan bij het jubileumthema ‘autonomie’ van het Humanistisch Verbond. 'Wie het menselijk tekort laat zien, schept tegelijkertijd ook ruimte voor een nieuwe vrijheid', aldus Paul Schnabel, die op 20 mei 2007 namens de jury over de winnaar van de Van Praag-prijs 2007 spreekt.

 Na een overweldigend applaus spreekt Simons in zijn dankwoord over de zoektocht die hij onderneemt met en in zijn werk, en de nieuwe weg die hij in wil slaan. Het gaat altijd over een zoektocht naar intimiteit tussen toeschouwer en acteur, waarbij alleen het kader van de voorstelling overblijft, aldus Simons. Politieke, juridische en andere intellectuele kaders komen even op de achtergrond te staan om plaats te maken voor de daadwerkelijke overdracht van gedachten en sensaties zoals ze op dat moment en in die ruimte aan de orde zijn. Een intieme gedachtenoefening.

‘capsulaire samenleving’

Simons vertelt over zijn nieuwe inspiratie, de ‘capsulaire samenleving’ zoals die is uitgewerkt door Lieven ten Cauter. De capsulaire mens zit vast in zijn individuele begeerten, zijn eigen verlangens en vooral de bevrediging daarvan. Hij zit - kortom - vast in zichzelf. Deze mens is het resultaat van – en voortdurende stimulans voor – het mondiaal kapitalisme. Simons geeft uitdrukkelijk kritiek op het mondiaal kapitalisme en het enorme aantal slachtoffers dat dit kapitalisme dagelijks ten gevolge heeft. In de toekomst zal men terugkijken op onze samenleving, en haar obsceen noemen. Deze obsceniteit wil Simons nu zichtbaar maken, maar niet vanuit cynisme, eerder uit mededogen. Tegenover de maatschappelijke kaders waarin de capsulaire mens gevangen zit, wil hij nieuwe denkkaders zetten. Het theater kan zo een schuilkelder voor het denken zijn.

Actrice Els Dottermans brengt drie liederen ten gehore, waaronder een bijzondere bewerking van ‘Zij gelooft in mij’ van André Hazes ('Ik weet ook dat hij van mij geniet. Afijn, dat weet ik niet'). Een mooi toonbeeld van de bijna familiaire band tussen Simons en de acteurs waarmee hij werkt.

En uiteraard is er veel ruimte voor het werk zelf. Het publiek kijkt via een groot scherm naar fragmenten van onder meer de door Simons geredigeerde opera 'Simon Boccanegra' (Giuseppe Verdi), 'Sentimenti', 'De val van de Goden' (naar Luchino Visconti) en 'Elementaire deeltjes' naar het gelijknamige boek van Michel Houellebecq.

Aan de hand van deze fragmenten vertelt Simons over het belang van geluid op het toneel, de stem van de acteur. Over het verlangen toneel te maken dat iedereen aanspreekt, niet alleen een kleine bovenlaag. Over de opera in Parijs ('Simon Boccanegra'), het boe-geroep dat hij ontving en het conservatieve en elitaire opera-bedrijf in Frankrijk. Opera-regie is nieuw, vertelt Simons. 'Ik moet nog zoeken naar zijn eigen verhaal, mijn eigen bijdrage'. Maar hij vertelt ook over zijn wat vreemde ontmoeting met Houellebecq, geen vrolijke schrijver maar er valt – naast het pessimisme – ook een duidelijk romantische kant in zijn werken te ontdekken: het verlangen naar liefde. In een café in Keulen ontmoetten beide mannen elkaar. Houellebecq zat anderhalf uur naar beneden te staren. Zelfs een bemoedigende klop op de schouder hielp niet. 'Een moeilijke figuur', aldus Simons.

Het was een mooie avond vol met intensieve beelden, de betrokkenheid van een theaterregisseur en roerende muziek. 'Ik begrijp het motto van dr. Van Praag: Niets verwachten, alles hopen. Deze prijs is een erkenning van het maatschappelijke belang van theater. Ik ben er heel blij mee'.

 


Meer weten? Download het  boekje, 'De kern van het leven'